“In het leven passeert er soms een trein en spring je daarop.”
Minou Esquenet had vroeger nooit gedacht dat ze in de politiek zou terechtkomen. Toch is ze ondertussen bijna tien jaar schepen in Brugge. Met een achtergrond in een ondernemersfamilie, twaalf jaar ervaring bij Hilde Crevits en een grote interesse in economie en mensen, bouwde ze haar eigen parcours uit.
We spreken met haar over kansen grijpen, beslissingen nemen, blijven leren en de impact die je vanuit een lokale bestuursfunctie kan hebben.
Kan je jezelf kort voorstellen? Wie ben je en welke rol neem je vandaag op in Brugge?
Ik ben Minou Esquenet, schepen in Brugge. Op 1 januari zal ik tien jaar schepen zijn. De tijd vliegt, ongelooflijk!
Ik had vroeger nooit gedacht dat ik ooit in de politiek zou terechtkomen. Ik kom uit een gezin van ondernemers. Mijn vader was ondernemer, mijn twee broers zijn ondernemers en in de familie van mijn man zijn het allemaal vrije beroepen in de medische sector.
Ondertussen ben ik schepen van Economie en Toerisme. Een hele boeiende portefeuille, zeker in een stad als Brugge, waar toerisme een heel belangrijke sector is.
Hoe ben je in de politiek terechtgekomen?
Ik ben met mijn man in Brugge komen wonen omdat we er een praktijk hebben overgenomen. Wij wonen op het platteland, in een verbouwde boerderij, met koeien, schapen, paarden, een beetje van alles.
Het zijn eigenlijk mensen uit het dorp die mij, vrij vroeg toen we daar woonden, gevraagd hebben of ik geen zin had om in de politiek te gaan.
Ik had dat helemaal niet zien aankomen. Dat zat niet in mijn toekomstbeeld. Maar ik heb daar niet meteen neen op gezegd.
Uiteindelijk heb ik het toch gedaan en ben ik op een lijst gaan staan. Als meisje van Gent, op de 44ste plaats, was ik natuurlijk niet verkozen. Maar ik heb dan een rol opgenomen in het bestuur, want het zit in mij om altijd te willen organiseren en leiding te nemen.
Zo heb ik Hilde Crevits leren kennen. Zij is kort daarna minister geworden en heeft mij op een dag gebeld met de vraag of ik voor haar wilde komen werken.
Ik was ondertussen OCMW-directeur geworden in een dorp nabij ons. Ik wilde die mensen niet in de steek laten en heb eerst de tijd genomen om een vervanging te regelen. Daarna ben ik bij Hilde gaan werken.
Wat wil je vanuit jouw rol in beweging zetten? Waarom ligt dat thema jou zo nauw aan het hart?
Een van mijn grote ambities is om economie hoger op de politieke agenda te krijgen in Brugge.
We zijn natuurlijk een cultuur- en erfgoedstad, waar heel veel van toerisme komt. Maar ik vind dat de economische kant nog meer ontwikkeld kan worden.
We hebben met corona gezien hoe kwetsbaar een stad is als sectoren zoals het toerisme plots wegvallen. En we leven ook op geopolitiek vlak in speciale tijden.
Ik vind economie superbelangrijk. Het zorgt voor tewerkstelling, brengt brood op de plank bij mensen, geeft zin aan hun leven.
Welke drie woorden typeren jou als bestuurder en als mens? En hoe zou je omgeving jou omschrijven?
Ik ben iemand die heel leergierig is. Ik hou van nieuwe uitdagingen en ben heel breed geïnteresseerd.
Ik vind het bijvoorbeeld ongelooflijk boeiend wanneer je als politica na zoveel jaar een nieuwe portefeuille krijgt toebedeeld. Dan stel ik vragen. Waarom doen we dit? Waarom doen we dat?
Ik ben ook heel gedreven. Ik duik echt in dossiers. Ik wil weten waarom we iets gaan doen. Wie gaan we daarmee dienen? Wat is ons doel? Hoe gaan we dat bereiken?
En ik ben doelgericht. Ik wil echt stap voor stap naar dingen toewerken.
Ik heb het trouwens aan twee mensen uit mijn omgeving gevraagd. De ene zei letterlijk 'gedreven'. De andere zei dat ik heel diep op zaken inga en niet tevreden ben met een snel, oppervlakkig antwoord.
Dat klopt wel, denk ik.
Welke moeilijke ervaring of beslissing heeft jou het meest gevormd in je loopbaan? Wat heb je daaruit geleerd?
Ik denk dat er in het leven soms een trein passeert en dat je daarop springt. En soms denk je: nee, het is niet het goede moment.
Het geheel van al die beslissingen die je neemt op bepaalde momenten in je leven, maakt dat je staat waar je staat.
Mijn tijd bij Hilde Crevits is voor mij heel bepalend geweest. Ik heb daar ongelooflijk veel geleerd.
Hilde is streng maar rechtvaardig. Ze vraagt veel, maar ze heeft ook begrip als het eens minder gaat. Ze heeft heel veel empathie, luistert heel veel en zoekt altijd naar een draagvlak. Maar dan neemt ze ook een beslissing.
Dat heb ik absoluut van haar geleerd. Altijd luisteren naar mensen en zorgen dat er een draagvlak is. En als dat er nog niet is, blijven uitleggen. Nooit iemand met een kluitje in het riet sturen.
Soms doe ik er lang over om een beslissing te nemen, maar als ze eenmaal genomen is, dan is ze genomen. En dan zal ik ze verdedigen. Moet ik dat honderd keer doen, dan doe ik het honderd keer.
Van haar heb ik ook qua communicatie heel veel geleerd. Mensen meenemen in een verhaal. Dat is zeker heel bepalend geweest.
Heeft je rol in het stadsbestuur jou veranderd als mens?
Ik denk niet dat ik als mens veranderd ben, maar ik ben zeer zeker gegroeid in mijn rol.
In het begin moet je de spelregels van de politiek leren. Daar ben ik sterk in gegroeid.
Ik neem heel actief deel aan de gesprekken die we in het schepencollege hebben. Ik denk daar veel over na en praat met heel veel mensen. Uit die gesprekken neem ik ook veel mee dat ik gebruik in de debatten die we voeren.
Ik denk dat ik nu echt ten volle mijn rol opneem. Ik vertegenwoordig ook een bepaalde groep mensen. Iedereen in zo'n team heeft zijn eigenheid en dat neem ik nu veel meer op dan in het begin.
Een publieke functie vraagt veel aanwezigheid en bereikbaarheid. Hoe bewaak jij je energie en grenzen?
Voor mij is het belangrijk om mijn grenzen te bewaken. Ik voel dat dat nodig is, want we worden heel vaak gevraagd en uitgenodigd.
Als ik zou willen, ben ik nooit thuis. Dan ben ik van maandagmorgen tot zondagavond op pad. Maar dat is onmogelijk.
Ik ben een familiemens. Mijn mama is heel jong gestorven, toen ik nog geen achttien jaar was. Daardoor ben ik mij er voortdurend van bewust dat er altijd iets kan gebeuren.
Ik wil zeker nooit denken: was ik maar meer bij mijn familie of vrienden geweest.
Dus in het weekend probeer ik mijn agenda heel sterk te bewaken. Natuurlijk maak ik uitzonderingen, bijvoorbeeld als er iets georganiseerd wordt dat belangrijk is voor de mensen of sectoren die ik vertegenwoordig.
Mijn kinderen wonen ondertussen niet meer thuis, dus tijdens de week ben ik wel heel vaak op pad.
Daarnaast hebben wij ook een druk sociaal leven dat helemaal losstaat van de politiek. Bij familie en vrienden zijn, samen tafelen, gaan wandelen: daar haal ik echt heel veel energie uit.
Welk aspect van je werk geeft jou de meeste energie en voldoening?
Ik ben schepen in een stad als Brugge, een wereldberoemde stad. Wat ik daar heel mooi aan vind, is dat je op dat niveau vrij snel iets kan doen voor mensen.
Het is minder highlevel dan in een regering. Je kan sneller acties ondernemen die een verschil maken voor mensen.
Dat gaat soms over kleine dingen, soms over grotere projecten. Zoals de Triënnale Brugge, een kunstententoonstelling in de openbare ruimte die we om de drie jaar organiseren en die ook een internationaal publiek aantrekt.
Dat vind ik het mooiste aan mijn job: dat ik in een internationale stad schepen mag zijn en dat de impact van wat je doet vrij snel voelbaar is voor mensen.
Welke keuze of investering in je eigen ontwikkeling heeft jou het meest geholpen?
Toen ik de vraag kreeg van Hilde Crevits om bij haar te komen werken, voelde dat voor mij aan als een investering.
Ik woonde aan de kust en ging elke dag naar Brussel. Het was een mentale en fysieke investering. Elke dag pendelen naar Brussel, gecombineerd met een intensieve job, was best heftig.
Maar het is een keuze die ik met overtuiging heb gemaakt en het heeft mij absoluut gebracht waar ik nu ben.
Zoals ik daarnet al zei: er passeert een opportuniteit en ofwel neem je die, ofwel neem je die niet. Het geheel van al die keuzes bepaalt welke richting je verdergaat.
Wie of wat heeft jou onderweg vooruitgeholpen?
Absoluut ook mijn man.
Hij zegt altijd: jij hebt in het begin van ons huwelijk zoveel gedaan voor de praktijk en voor het gezin.
Hij staat honderd procent achter mij. Terwijl ik nu vaak in de schijnwerpers sta, steunt hij mij volop en gunt hij mij echt mijn eigen carrière.
Zoals ik al zei, ben ik in de week gemakkelijk vier avonden weg. Die steun van hem, van mijn kinderen en van mijn vrienden is heel belangrijk.
Wat zou je willen meegeven aan vrouwen die overwegen een publieke rol op te nemen, maar nog twijfelen?
Doen! Het is superboeiend.
Ik vind dat vrouwen vaak te veel aan zichzelf twijfelen, terwijl dat helemaal niet nodig is.
Dat merken we ook wanneer we vrouwen vragen om op een lijst te staan. Dan zeggen ze: ik weet niet of ik dat wel kan, ik ken daar niets van, ik ga daar eens over nadenken.
Ik ben voor diversiteit. Ik heb graag de mix van mannen en vrouwen. We kijken soms anders naar de dingen en dat vind ik net waardevol.
Wij hebben als vrouw heel veel te vertellen en heel veel ervaring.
Dus vrouwen, ga ervoor. Geloof in je eigen kracht. We hebben zeker evenveel te vertellen en we kunnen zeker evenveel als mannen.
Als Brugge verder groeit en verandert, wat hoop je dan dat de stad nooit verliest?
Brugge is een kleine stad, met een gemoedelijk karakter, waar heel veel mensen elkaar kennen.
Ik wil vooral dat Brugge een stad blijft van kwaliteit, op verschillende vlakken, bv zowel cultureel, als culinair en dat het een stad blijft van alle mensen die er wonen, zowel in de binnenstad als in de deelgemeenten.
Welke rol hoop je zelf over tien jaar nog te spelen?
Ik hoop dat ik nog lang aan de weg mag timmeren. Ik heb intussen veel ervaring opgebouwd en ik doe het heel graag.
Waar haal je vandaag nieuwe ideeën en inspiratie voor Brugge en haar economie?
Ik lees veel en verdiep mij graag in de thema's waarmee ik bezig ben.
Op economisch vlak ga ik bijvoorbeeld spreken met mijn collega Sofie Bracke uit Gent, om goede praktijken uit te wisselen. Ik kijk ook naar wat andere steden doen.
Ik verdiep mij echt in hoe een stad inspanningen kan doen om haar handelsapparaat goed en aantrekkelijk te houden.
Mijn medewerkster weet dat ook: ik wil minstens een halve dag, liefst twee halve dagen, vrijhouden om te kunnen lezen en mij in dingen te verdiepen.
Dat zijn vaak memo's of nota's over toerisme en economie. Er is ook heel veel online te vinden.
Ik ben nu ook een boek van Anouk Meijer aan het lezen: Ongehoorzaamheid zal u redden.
Vooral de eerste hoofdstukken vind ik supergoed. Er staan passages in over vrouwen die vragen stellen die anderen niet durven te stellen, en over durven toegeven wanneer je iets niet weet.
Ik zet er overal kruisjes bij. Dat vind ik echt interessant.
Fotografie door o.a. @Axel Vermeulen
Misschien zijn deze stories ook wel iets voor jou